Pedagogische wetenschappen: Forensische orthopedagogiek
Studieprogramma
Mastertraject Forensische orthopedagogiek
Het masterprogramma behandelt de oorzaken die leiden tot ontsporing van jongeren, met oog voor de volgende zaken:
- De betekenis en invloeden van de omgeving (gezin, vrienden, school en buurt).
- Effectieve preventie- en behandelmethoden van ontspoorde jongeren die (soms) niet meer thuis opgevoed kunnen worden.
- De effectieve aanpak van jongeren ter bescherming van de samenleving.
De benodigde kennis wordt gevonden in diverse disciplines. Integratie van deze kennis leidt tot een brede onderzoeksopzet en gedegen analyses van de actuele problematiek.
Opbouw van de master
De master heeft een omvang van 60 ECTS-studiepunten (één studiejaar) en is opgebouwd uit:
- Forensische orthopedagogiek (3 studiepunten)
- Practicum Forensische diagnostiek en behandeling (9 studiepunten)
- Werken met Minderjarigen binnen Justitieel Kader (3 studiepunten)
- Doelgroepen en fenomenen in de Forensische Orthopedagogiek (3 studiepunten)
- Methoden en technieken van Forensisch Orthopedagogisch onderzoek (3 studiepunten)
- Scriptie en presentatie (18 studiepunten)
- Stage (21 studiepunten)
Forensische orthopedagogiek
Centraal staat het verwerven van inzicht in deze discipline, zowel vanuit wetenschappelijk-theoretisch als maatschappelijk (praktijk, beleid) oogpunt. Aan de orde komen
- theoretische verklaringen van gedragsproblemen en criminaliteit, preventie- en interventietheorieën
- concrete preventie- en interventiestrategieën
- straffen in opvoeding en samenleving
- effectiviteit van preventie en interventie
Globaal wordt stilgestaan bij bijzondere doelgroepen, bijzondere dadergroepen en samenhang tussen opvoeding, morele ontwikkeling en/of school enerzijds en delinquentie/probleemgedrag anderzijds.
Doelgroepen en fenomenen in de Forensische Orthopedagogiek
Er wordt aandacht besteed aan bepaalde groepen jongeren waarbij sprake is van delinquent gedrag of ernstige gedragsproblemen, zoals
- meisjes
- jongeren (12+) met een niet-westerse culturele achtergrond
- kinderen onder de 12 jaar
- licht verstandelijk beperkte jongeren (12+)
Daarnaast richt de module zich op groepen waarbij het delicttype of de frequentie van het delictgedrag centraal staat, zoals zedendelinquenten of veelplegers. Tenslotte komen situaties rondom delictgedrag aan bod, zoals het gebruik van drugs en alcohol.
Practicum Forensische diagnostiek en Forensische behandeling
In dit practicum worden de volgende onderwerpen behandeld:
- "Gewone" en forensische diagnostiek, beslisdiagnostiek versus behandeldiagnostiek, gebruik van meerdere informatiebronnen, onbetrouwbaarheid van de informatiebron (cliënt), risicotaxatie.
- Bronnen, autoanamnese en heteroanamnese, waar let je specifiek op? De beperkingen DSM-IV in de praktijk en het belang van dimensionele diagnostiek. Specifiek in de forensische praktijk gebruikte instrumenten.
- "Gewone" en forensische behandeling, de rol van motivatie en druk van buitenaf, de rol van de ouders, samenwerking tussen de diverse forensische instanties, verschil tussen forensische begeleiding en forensische behandeling.
- Indicaties voor ambulante en residentiële behandeling, cognitieve gedragstherapie, evidence based programma's, meer op de persoon van de dader gerichte interventies als Equip en ambulante behandeling jeugdige zedendelinquenten, meer op het gezin gerichte interventies als FFT en MST residentiële behandeling.
Werken met Minderjarigen binnen Justitieel Kader
In de module ‘Justitieel kader’ staat een relatief kleine groep jongeren centraal die vanwege de ernst van de door hen gepleegde delicten en/of de persistentie van hun crimineel gedrag voor veel maatschappelijke overlast zorgen. Binnen deze module wordt er ingegaan op verschillende interventies die toegepast worden, de betrokken instanties en de wet- en regelgeving.
Methoden en technieken
Er wordt aandacht besteed aan
- verschillende onderzoeksdesigns
- kennis van validering van meetinstrumenten
- het toepassen van veelgebruikte methodologische technieken in de Forensische Orthopedagogiek
- ethische aspecten van onderzoek in de justitiële setting
- het vertalen van onderzoeksresultaten in concreet beleid
Stage
Er zijn vier soorten stages:
- Reguliere stage
- Beleidsgerichte stage
- Onderzoeksstage
- Klinische stage*
De stage vindt plaats in of is gekoppeld aan een forensisch orthopedagogische setting. Stage en scriptie kunnen eventueel in combinatie met elkaar worden uitgevoerd.
* Wil je na je opleiding de registraties voor de NVO (Orthopedagoog generalist) behalen, dan kun je ervoor kiezen je stage aan de ingangseisen van deze opleiding aan te passen. Je volgt dan een klinische stage.
Wil je in aanmerking komen voor toelating tot de opleiding GZ-Psychologie, dan volg je een klinische stage + drie casussen binnen die stage.
Masterscriptie
Het scriptieonderzoek en het schrijven van je scriptie kun je, zo mogelijk, koppelen aan je stageplek. Je kunt deelnemen aan lopend onderzoek of nieuw onderzoek uitvoeren ten behoeve van de stage-instelling. Ook kun je scriptieonderzoek doen binnen een van de lopende onderzoeken van de docenten van deze master.


