Boekwetenschap en handschriftenkunde
'De aanbeveling die je aan een stage overhoudt, kan bepalend zijn voor je toekomst in dit vak'
STN-beschrijver Anneleid Schepers, Boekwetenschap en handschriftenkunde (2000)

Interview met Anneleid Schepers
'Zolang ik me kan herinneren heb ik interesse gehad in oude boeken en bezocht ik musea en tentoonstellingen over boeken. Graag wou ik meer te weten komen over de wereld rondom het oude boek en dat kon bij de opleiding Boekwetenschap en handschriftenkunde. Omdat ik voordat ik aan deze opleiding kon beginnen eerst een propedeuse moest hebben, startte ik met een studie Godgeleerdheid, die ik nu aan het afronden ben. Na het behalen van mijn propedeuse ben ik Boekwetenschap en handschriftenkunde naast mijn studie Godgeleerdheid gaan volgen. Als minor heb ik Museumstudies gekozen. De combinatie van musea en boeken heeft mijn interesse; hoe kun je het bijzondere en het menselijke aspect uit een boek halen bij bijvoorbeeld een tentoonstelling?
Voordat ik aan de opleiding begon, had ik me goed ingelezen. Ik kreeg college in kleine groepjes, de opleiding is praktijkgericht, ik moest zelfstandig onderzoek verrichten en had een nauw contact met mijn docenten en medestudenten. Tijdens mijn opleiding heb ik geleerd over handschriften, de handpersperiode en de vroeg-moderne boekproduktie. Er kwam veel archiefonderzoek bij kijken. Ik schreef vervolgens mijn scriptie over de 17e eeuwse boekdrukkunst in Amsterdam. Boekwetenschap is een heel specifiek vak en ik ben blij dat ik me ook in andere vakgebieden heb verdiept, zoals bijvoorbeeld de kunsthistorie.
Tijdens het volgen van de minor Museumstudies liep ik stage op de oude drukkenafdeling van het Amsterdams Historisch Museum (AHM). Ik hield me er bezig met een leuk project: het in kaart brengen van wat zich in hun collectie bevindt en daar een beschrijvingsmodel van maken. Hierbij heb ik de werkwijze van de STCN - mijn huidige werkgever - als voorbeeld genomen. De STCN (Short Title Catalogue Netherlands) is een project dat al 20 jaar loopt. Teams van boekhistorici duiken de Nederlandse bibliotheken in om alle in Nederland gedrukte of in het buitenland in de Nederlandse taal gedrukte boeken - met uitzondering van Vlaanderen, waar een eigen project loopt - die voor het jaar 1800 zijn uitgebracht te onderzoeken, beschrijven en documenteren. Er werken momenteel 22 mensen aan, alleen aan de Universiteit van Amsterdam houden zich al zes mensen zich met dit project bezig.
Ik vond mijn stageplek bij het AHM via mijn docent Piet Verkruijsse, die mij er aanbeval. Aan het eind van mijn stage was er toevallig een vacature bij de Koninklijke Bibliotheek Den Haag (KB), waar ik al snel solliciteerde als STCN-beschrijver. Ik maakte eerst mijn scriptie af en vijf maanden later kon ik - met een aanbeveling van mijn stagebegeleidster - beginnen. De KB is een fijne werkgever, er worden veel verdiepingsmogelijkheden geboden en dat is prettig. Ik zou aankomende studenten het advies willen geven vooral een stage te volgen tijdens hun opleiding: de aanbeveling die je daaraan overhoudt kan bepalend zijn voor je toekomst in dit vak. Het is goed je te realiseren dat de arbeidsmarkt krap is en daar je voordeel mee te doen.
Het STCN-project moet in 2009 worden afgerond. Wat ik daarna ga doen? Ik weet het nog niet: misschien komt er een vervolgtraject, misschien niet. In dat laatste geval ga ik eens na of ik een baan kan vinden in een museum. Dat blijft ook altijd trekken.’

De werkgever
Jan Bos, projectleider STCN, Koninklijke Bibliotheek
'Waarom neem je een sollicitant wel of niet aan? Dat gebeurt altijd op grond van een combinatie van factoren. In dit geval ging er een nieuw project van start waarvoor tien nieuwe medewerkers gezocht werden. We selecteerden 19 kandidaten uit 109 sollicitanten. In die fase zijn kwalificaties het belangrijkst. Bij Anneleid was de combinatie van de studies Theologie en Boekwetenschap heel aantrekkelijk. Kennis van het oude boek is voor dit werk onontbeerlijk. En omdat veel boeken uit de 17e en 18e eeuw op godsdienstig en theologisch gebied liggen (er verschenen ontzettend veel Bijbels, gebedenboeken, prekenbundels, maar ook dogmatische tractaten en strijdschriften over en weer), is het heel praktisch als iemand vertrouwd is met die onderwerpen. Een goede sollicitatiebrief waar zorg aan besteed is, is nog een belangrijk pluspunt. Tijdens een sollicitatiegesprek let je er vooral op of de kandidaat zich goed heeft voorbereid, sociaal vaardig is en een goede teamwerker lijkt. Dat was bij Anneleid allemaal het geval.'
Opleidingen:
| 2000-heden | Godgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam (propedeuse behaald) |
| 1998-2000 | Boekwetenschap en handschriftenkunde, Universiteit van Amsterdam |
| Tijdens opleiding | Stage bij Amsterdams Historisch Museum |
| 2006 - heden | Koninklijke Bibliotheek Den Haag |


