Culturele antropologie en sociologie der niet-westerse samenlevingen
Studieprogramma
Master Culturele antropologie en sociologie der niet-westerse samenlevingen

Opbouw masterprogramma
De master bestaat uit drie stadia:
- Het opzetten van een onderzoek
- Het uitvoeren van het onderzoek
- Het schrijven van een scriptie over het onderzoek
In alle stadia word je individueel door een docent begeleid. Daarnaast krijg je ook nog collectieve begeleiding in werkgroepen, maar je eigen onderzoek staat centraal.
De master heeft een omvang van 60 studiepunten (één studiejaar) en is opgebouwd uit:
- Masterseminar Theory for Etnographic Practice (12 studiepunten), full-time vak, 8 weken
- 'Veldwerk in voorbereiding' (12 studiepunten), full-time vak, 8 weken
- Onderzoek / veldwerk (18 studiepunten)
- Scriptieseminar 'Etnografisch schrijven' en Master antropologie conferentie (3 studiepunten)
- Scriptie (15 studiepunten)
Masterseminar ''Theory for ethnographic practice'
Het masterseminar behandelt de state of the art in de antropologische theorievorming. Er worden een aantal discussies behandeld die belangrijk zijn binnen het vakgebied, zodat je deze kan verbinden met jouw eigen onderzoek. Zo kan je de onderzoeksvraag die ter voorbereiding van je master formuleerde in een bredere theoretische discussie plaatsen waarmee je voorstel een bredere relevantie krijgt. Het vak biedt de kans om op een systematische en inspirerende manier te reflecteren op de relatie tussen theorie en empirisch onderzoek.
Masterseminar 'Veldwerk in voorbereiding'
Na het vak ‘Theory for Ethnographic Practice’ ga je de onderzoeksvraag in methodologische zin verder uitwerken. Hoe operantionaliseer je jouw nog theoretische vraagstelling? Welke methoden wil je gaan gebruike? Welke actoren wil je gaan benaderen om een antwoord op je vraag te kunnen vinden? Zo werk je verder aan je onderzoeksvoorstel, aan de hand van zelf op te zoeken antropologische literatuur. Vervolgens oefen je onderzoekstechnieken via opdrachten waarna het mogelijk is om aan de hand van methodologische keuzes je onderzoeksvraag te vertalen naar de onderzoekspraktijk.
Scriptieseminar 'Etnografisch schrijven'
Na je onderzoek van drie maanden, volg je het verplichte scriptieseminar dat eens in de twee weken plaatsvindt. In het scriptieseminar worden de veldwerkervaringen besproken en komen de kwesties aan de orde waar iedereen mee te maken krijgt die een lange wetenschappelijke tekst moet schrijven:
- Hoe structureer je het onderzoeksmateriaal?
- Hoe breng je structuur aan in je gedachten over het onderzoeksmateriaal?
- Wat zijn hoofd- en bijzaken?
- Hoe bouw je een argument op?
- Hoe maak je een realistische planning?
- Welke vorm en stijl hanteer je?
Naast de praktische aspecten van het schrijven is er ook ruimte voor het presenteren van en discussiëren over meer inhoudelijke aspecten van de scriptie. Het vak mondt uit in de masterconferentie, waarbij iedere student het centrale argument van het eigen onderzoek presenteert.
Masterscriptie
Het schrijven van je scriptie leert je om de onderzoeksresultaten te interpreteren en te verwoorden in abstracte termen. De grote uitdaging is om de antropologische theorievorming en je eigen veldwerkmateriaal op een effectieve en elegante manier met elkaar te verbinden. Voor de inhoudelijke begeleiding van de scriptie kan je terecht bij je individuele begeleider.
Begeleiding
De keuzemogelijkheden van de student voor een thema en plek van onderzoek worden sterk bepaald door de expertise en specialisatie van bij de master antropologie betrokken docenten. Altijd wanneer dit mogelijk is, wordt de toewijzing van de individuele begeleider bij veldwerk en scriptie gebaseerd op deze match. Meer informatie over de betrokken docenten en hun specialisaties zie Docenten. De studieadviseur zoekt een passende begeleider voor je, waarbij rekening wordt gehouden met jouw voorkeuren.


