Bachelor Sociale geografie en Planologie
Studieprogramma
Sociale geografie en Planologie
Een studiejaar is opgebouwd uit twee semesters van elk ongeveer twintig weken college en omvat 60 studiepunten.
In onderstaande video vertelt een student Planologie over haar studieprogramma.
Het eerste jaar
Het eerste jaar, de propedeuse, bestaat o.a. uit:
- Inleiding in de Sociale geografie
- Inleiding in de Planologie
- andere gemeenschappelijke vakken
- drie sociaal-geografische óf drie planologische vakken
In de inleidende vakken maak je kennis met de centrale begrippen, theorieën en denkwijzen en ga je aan de slag met geografische en planologische vraagstukken. Na acht weken maak je een keuze voor de studierichting Sociale geografie of de studierichting Planologie.
Het propedeuseprogramma bestaat voor 80 procent uit gemeenschappelijke vakken o.a. over:
- de relatie tussen milieu, klimaat en grondgebruik
- economie toegepast op de ruimtelijke dimensie
- een inleiding in de sociale wetenschappen
- het doen van onderzoek: GIS (geografische informatiesystemen), methoden en technieken en het verwerken en analyseren van gegevens
Daarnaast volg je drie specifiek sociaal-geografische dan wel drie planologische vakken. Voor Sociale geografie zijn dat vakken over de kernthema's van de geografie, mondialisering, stedelijke vraagstukken. Voor Planologie zijn dat vakken over: de kernthema's van de planologie, vastgoedontwikkeling en grondbeleid, de juridische context van de planologie.
Na afronding van alle onderdelen van de propedeuse ontvang je het propedeusediploma.

Het tweede en derde jaar
Je hebt in je programma veel keuzemogelijkheden. In het tweede studiejaar kies je ten minste één thematisch traject (van een halfjaar). Dit bestaat uit een kernvak én een flink aantal trajectvakken waaruit je kunt kiezen. Er zijn acht trajecten:
- Stedelijke ontwikkeling en vastgoed
- Strategische planning van stedelijke regio's
- Ruimte en mobiliteit
- Stad en bevolking
- Stad en economie
- Internationale ontwikkelingsstudies
- Duurzaamheid en leefomgeving
- Politiek, cultuur en territorium
Volg je de studierichting Sociale geografie, dan doe je in het tweede jaar het kernvak van je gekozen traject en een trajectvak naar keuze. Andere onderdelen:
- Geografie als wetenschap
- Ruimtelijk analyseren met geografische informatiesystemen (GIS)
- Kwalitatieve methoden van onderzoek
- Leeronderzoek
- Buitenlandexcursie
- Trajectvakken naar keuze
- Geografie en maatschappelijk handelen
- Methoden en technieken
- Scriptieproject of onderzoeksstage
Volg je de studierichting Planologie, dan doe je in het eerste semester van het tweede jaar doorgaans het kernvak van het gekozen traject én een trajectvak naar keuze. In het tweede semester doe je de overige trajectvakken. Andere onderdelen:
- Sturing & ruimtelijk recht
- Methoden en technieken van ruimtelijke interventies
- Leeronderzoek
- Buitenlandexcursie
- ‘Bacheloratelier‘
- Methoden en technieken
- Scriptie naar aanleiding van een onderzoeksstage
In het derde jaar van beide richtingen heb je ruimte voor keuzevakken of een tweede traject. Ook kun je in het buitenland studeren.
Als je alle onderdelen van de bachelor met goed gevolg hebt afgerond, ontvang je het bachelordiploma en de titel Bachelor of Science (BSc).
Keuzevakken en minor
Je kunt een heel jaar aan vakken zelf kiezen.
- In het tweede studiejaar kies je een studietraject.
- In het derde jaar volg je keuzevakken (of trajectvakken) bij je eigen onderwijsinstituut of bij andere studies. Bij Sociologie, Bestuurskunde, Communicatiewetenschap, Politicologie of Economie bijvoorbeeld.
- Ook kun je een minor doen: een samenhangend onderwijsprogramma van een halfjaar (30 studiepunten). Je kunt een bijzondere combinatie maken die precies aansluit bij je persoonlijke interesse en talenten! Kies bijvoorbeeld voor een minor Culturele antropologie of Rechtsgeleerdheid.
Daarnaast kun je ook (andere) collegereeksen en lezingencycli volgen, zoals bij:
- het Instituut voor Interdisciplinaire Studies
- het eigen instituut: jaarlijks wordt een internationale lezingencyclus aangeboden. Eerder was dat de serie ‘Priorities of the Poor', verzorgd door Nicky Pouw, docent bij Internationale ontwikkelingsstudies. Zie onderstaande video.
Hoeveel studeer je per week?
- Studie-uren per week: 40 uur
- Onderwijs: 12 uur (eerste jaar)
- Zelfstudie: 28 uur (eerste jaar)
In het tweede en derde studiejaar ligt het aantal onderwijsuren lager dan in het eerste jaar. In de resterende tijd maak je opdrachten, doe je veldwerk, bereid je je voor op colleges en excursies en studeer je voor tentamens.
Onderwijsvormen
- Hoorcolleges: een docent licht de vooraf bestudeerde literatuur toe en je kunt vragen stellen;
- Werkcolleges: je bediscussieert vooraf bestudeerde literatuur met de docent en medestudenten;
- Practica: je leert hoe je verschillende bronnen kunt verwerken, hoe bepaalde onderzoekstechnieken in elkaar zitten en hoe je die, soms met behulp met informatica, toepast.
De meeste colleges worden afgesloten met een of meerdere toetsen, zoals een schriftelijk of mondeling tentamen, een werkstuk of een referaat.
Internationaal studeren
Iedere student Sociale geografie en Planologie moet minimaal 5 studiepunten invullen met buitenlandervaring, maar dat mogen er ook meer zijn. Je kunt bijvoorbeeld:
- deelnemen aan een excursie of congres in het buitenland
- stage lopen in het buitenland
- een semester in het buitenland studeren
- buitenlands veldwerk doen voor de scriptie
Met het Socrates-uitwisselingsprogramma kun je in het derde jaar een semester onderwijs volgen aan een universiteit in de EU, maar ook in landen daarbuiten (bijvoorbeeld Turkije of Canada). Als je je tijdens je studie richt op International Development Studies, kun je veldwerk doen in Azië, Afrika of Latijns-Amerika.

Dr. Fred Zaal is docent Internationale ontwikkelingsstudies. In onderstaand filmpje vertelt hij over het onderwijs dat hij geeft (onderzoeksvaardigheden en ook het stage/scriptieproject in Kenia).
Honoursprogramma
Als aanvulling op je studie Sociale geografie en Planologie kun je deelnemen aan het honoursprogramma. Je volgt tijdens je bachelor dan extra vakken met een studielast van minimaal een halfjaar (30 studiepunten. In het honoursprogramma ligt het accent op verdieping van je eigen vakgebied en op interdisciplinaire elementen.
Als je voor alle reguliere en extra vakken minimaal een 7 hebt gehaald, krijg je naast het bachelordiploma ook een honoursdiploma.


