Gebarentaalwetenschap
| Vooropleiding | Toelatingseisen |
| Studielast | 180 studiepunten |
| Studiepad | Doorstroommogelijkheden na de bachelor |
| Taal | Nederlands |
| Studieduur | 3 jaar, ook mogelijk in deeltijd |
| Titel | Bachelor of Arts (BA) |
| Bijzonderheden | Bij accreditatiecommissie (NVAO) geregistreerd als 'Sign Linguistics' |
| CROHO-code | 56803 (Taalwetenschap) |
| Brochure | Download de uitgebreide opleidingsinformatie (PDF) |
Bachelor Gebarentaalwetenschap
Hoe zitten (gebaren)talen in elkaar? Hoe leren mensen ze? Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen gesproken talen en gebarentalen? Deze en andere vragen komen aan bod bij Gebarentaalwetenschap, een traject in de bachelor Taalwetenschap. Ook leer je de Nederlandse Gebarentaal (NGT) goed beheersen.
Een taal in beweging
Gebarentalen zijn al eeuwenoud. Ze zijn in de loop der tijd ontstaan uit persoonlijke contacten tussen dove mensen. Toch wordt pas sinds kort erkend dat het natuurlijke talen zijn: talen die dove kinderen als hun eerste taal leren. Er bestaat geen universele gebarentaal: elk land heeft zijn eigen gebarentaal, die zich onafhankelijk heeft ontwikkeld. De verschillende gebarentalen die in de wereld worden gebruikt, zijn zelfstandige talen. Ze zijn niet afgeleid van de taal die in een bepaald gebied wordt gesproken.
Zo verschilt de grammatica van Nederlandse Gebarentaal (NGT) nogal van het Nederlands. In het Nederlands is ‘de man koopt een appel' een correcte zin, maar de woordvolgorde in het NGT is ‘man appel kopen'. Bovendien articuleer je gebarentaal op een andere manier. Je gebaart niet alleen met je handen, maar ook je gezichtsuitdrukkingen en lichaamsbewegingen zijn belangrijk. Daarnaast onthoud je gebaren soms anders dan woorden. Maar er zijn ook overeenkomsten. Net zoals je in het Nederlands sommige klanken niet na elkaar kunt uitspreken, kun je handvormen, -posities en -bewegingen ook niet willekeurig combineren.
Gebarentaalwetenschap (Sign Linguistics) aan de UvA is een traject in de bachelor Taalwetenschap. De opleiding leert je om het NGT en andere gebarentalen 'door de bril van een taalwetenschapper' te bekijken, dus van buitenaf. Om dit goed te kunnen doen, is het natuurlijk belangrijk dat je minstens één gebarentaal goed beheerst!
Gebarentaalwetenschap iets voor jou?
- Je hebt een vwo-diploma (ongeacht het profiel);
- Later wil je bijvoorbeeld gaan werken als adviseur in het dovenonderwijs;
- Je wilt meer weten over de relatie tussen talen en (sub)culturen en bent - natuurlijk - geïnteresseerd in de dovencultuur;
- Je vindt het interessant om te ontdekken en te beschrijven hoe (gebaren)talen in elkaar zitten, hoe ze worden verworven en wat de verschillen en overeenkomsten tussen talen zijn;
- Zelfstandig werken is voor jou geen probleem. Het komt daarbij goed van pas als je initiatieven neemt en nieuwsgierig bent.
Tijdens je studie moet je veel lezen. Een goede beheersing van het Engels werkt in je voordeel. Het grootste deel van de vakliteratuur is in deze taal geschreven.





